Ik ben toch behouden? Nou dan…!

Hij wordt Slokkie genoemd, vanwege de eeuwige fles in zijn hand. Zijn andere hand is meestal geopend, de binnenkant boven. ‘Heppie een euro voor mij?’ De meeste mensen lopen voorbij, sommigen met een klein boogje. Het deert hem niet. Hij weet dat hij, ongewassen als hij is, een nare zure geur verspreidt, aangelengd met de geur van wat hij drinkt. Als hij weinig geld heeft is dat goedkope wijn of bier en als hij goed bij kas zit is het jenever of wodka.

dit is een acteur in een film


Een tijd geleden stormde het en toen heeft hij zich ’s nachts gemeld bij het Leger des Heils voor een slaapplaats. Normaliter zoekt hij zelf wel een schuilplaats voor de nacht, meestal een portiek, maar die keer was het zo guur dat hij toch was uitgeweken naar de shelter van het Leger. Hij raakte in gesprek met een Heilsoldaat en liet zich overhalen om een bad te nemen. Geduldig werden de klitten uit zijn haar gekamd; daar waar het te erg was werd de schaar gehanteerd. Met een lotion werd zijn ontstoken huid behandeld en zijn snor en baard werden gefatsoeneerd. Ze kregen de smaak te pakken: uit het magazijn kwam een broek, een shirt en een colbertje, evenals een lange, ruime overjas. Slokkie zag er uit als nieuw! De volgende dag verdween hij weer. Ach, zo’n zwerver hou je niet.

Soms zie ik hem voorbij komen en dan zie ik, dat hij weer hulp heeft gehad. Dan draagt hij nieuwe schoenen, een andere keer is zijn haar weer eens gewassen en dan weer heeft hij iets nieuws aan kleding gekregen. Maar nooit leidt het ertoe dat hij zijn manier van leven opgeeft. Hij zou een uitkering en scholing kunnen krijgen en een kleine flat of een etage. Dan zou hij zijn leven weer in de rails kunnen krijgen. Maar hij wil niet. Hij accepteert de hulp en het medeleven, maar zoekt zijn eigen koers.

Ik kende een andere man, een man die net als Slokkie hulp nodig had. Als kind van God kun je niet afzijdig blijven bij andermans leed, dus je helpt. Wat me bevreemdde was, dat hij me belde als hij hulp nodig had. Vervoer, transport naar Schiphol, een kleine lening, een andere fiets, noem maar op. Als het goed ging hoorde ik niets van hem. Als hij belde en mijn vrouw nam de telefoon op, wist ze al hoe het gesprek zou gaan: ‘hé, hoi! Hoe is het met jou?’ en dan zijn antwoord: ‘niet goed…’ gevolgd door de narigheid die hij nu weer had en de hulp die hij daarbij verwachtte. Als we hem uitnodigden bij ons thuis, had hij het altijd te druk. Maar als hij hulp nodig had zei hij: ‘je moet even bij me komen’. Ik begon steeds meer in te zien dat dit geen vriendschap was; vriendschap komt immers van twee kanten. Op een dag belde hij en zei, dat hij wat geld had en nu zijn hele huis wilde behangen. Ik was blij voor hem. Hij vroeg me, of ik iemand wist die voor hem kon behangen. Enthousiast zei ik: ‘joh, ik ga met je mee, jij zoekt behang uit en zo en dan kom ik je helpen.’ Maar nee, dat was niet de bedoeling. ‘ik kan dat niet’ zei hij. Dat was niet erg; ik wilde het hem wel leren. Maar dat was ook niet zijn bedoeling: ‘ik wil het niet zelf doen, daar heb ik geen zin in, ik hou niet van klussen. Maar ik zoek iemand, die het voor mij wil doen -gratis- want een behanger kan ik niet betalen.’ Eigenlijk gingen me toen pas de ogen echt open: deze man was een parasiet. Hij wilde ontvangen; niet geven.

Een buurman van ons in de Achterhoek ging nooit naar de kerk. Ze waren wel gelovig, zijn vrouw en hij, maar, zo vertelde hij me eens: ‘ik heb mijn hart aan Jezus gegeven, mijn zonden zijn weggedaan en daarmee is voor mij de kous af! Natuurlijk was ik erg dankbaar, maar moet ik nou de rest van mijn leven halleluja roepen in een kerk?

Een consumptieve Christen!

Alle drie de verhalen hebben een gemeen-schappelijke factor: de mens is genegen om te ontvangen –vooral in nood- maar om zelf daar iets tegenover te stellen; om bereid te zijn zelf ook iets terug te geven: daarvoor is men niet thuis. Hoeveel wedergeboren kinderen van God voldoen niet aan deze karakter schets? Ja, ze zijn dankbaar dat het offer van de Heer Jezus hun zonden heeft weggedaan. En ze bidden ook: Here God, wilt U… en ook zorgen dat… en ik maak me zorgen om… en wilt U nu…?? Dan zeggen ze dankbaar: ‘dank U Here’ en het gebed is over. Christen geworden omdat het hen voordeel bracht!

Matteus 10 vers 31

Nu denk ik persoonlijk dat de meeste Christenen zich van zo’n houding helemaal niet bewust zijn. Op een goede dag hoorden ze het Evangelie en werden ze zich bewust van hun zonden. In diep berouw hebben ze zich gewend tot Degene die voor hen stierf, de Heer Jezus, en ze hebben vergeving van hun zonden ontvangen. Daarna ging hun leven gewoon door als daarvoor. Soms werden ze zich bewust van nieuwe zonden en die zonden belijdden ze dan. En daarmee was het klaar.

De satan lacht smadelijk, als God hem wijst op Job. ‘Ja, wat een wonder’ schampert hij. ‘U heeft hem voorspoed gegeven; een vrouw en kinderen, rijkdom en geluk. Maar pak hem dat maar eens af!’ Wat zou er gebeuren als het ons iets gaat kosten om de Heer Jezus te volgen? Zijn we dan als Job, die de Here God trouw bleef? Of zijn we zoals vele volgelingen in Jezus’ dagen, die Hem toejuichten toen ze de wonderen zagen, de doden zagen opstaan, zieken die genezen werden, menigten die gevoed werden.. Wow! Zo’n koning willen we wel! Maar toen het er echt op aan kwam riepen zij: ‘kruisigt Hem!’…

Wat drijft ons?

Is dat liefde voor God? Het is ons eerste gebod: ‘gij zult de Here uw God, liefhebben me geheel uw hart en geheel uw ziel’… Of heeft satan gelijk en volgen wij Jezus omdat Hij onze verlossing bewerkt heeft en Hij voor ons zorgt? Veel kinderen van God haken af als het gaat stormen in hun leven. Ze raken teleurgesteld, want, ‘hoewel zij zo trouw baden, heeft God dingen laten gebeuren, zoals ziekte, ontslag, dood etc. Erge dingen, die heel ingrijpend zijn in een mensenleven. En God had hen ervoor moeten behoeden, immers: Hij is almachtig! Dus…’

We leven in de eindtijd; de laatste zeven jaren van dit tijdperk zijn òf aangebroken, òf ze breken binnenkort aan. Er komen beproevingen op ons af. En de Bijbel vertelt ons niet op welk moment de gemeente zal worden weggenomen. Velen vóór ons ondergingen zware beproevingen en wij zijn niet beter dan hen. Zullen wij dan standhouden?

Efeziërs 1:4 zegt: ‘Hij (Christus) heeft ons immers in Hem uitverkoren vóór de grondlegging der wereld, opdat… wij voor eeuwig gered zijn…’? Nee! Er staat: ‘…opdat wij heilig en onberispelijk zouden zijn voor zijn aangezicht.’ Door het offer van de Heer Jezus Christus worden wij geheiligd en staan wij heilig en onberispelijk voor God.

Maar leven wij, in ons leven hier en nu, ook heilig en onberispelijk???




Standhouden in verdrukking

Of wij zullen standhouden onder verdrukking hangt helemaal af van hoe dicht wij bij de Heer Jezus leven. Zeggen we: ‘neem mijn leven, laat het Heer, toegewijd zijn aan Uw eer’ dan kost het ons iets. Dan doen we uit dankbaarheid en liefde voor de Heer iets terug: we geven Hem volmacht over ons leven. Dat doet zeer, want de mens wil het stuur graag zelf in handen houden. Maar als wij ons toevertrouwen aan de Heer, zal Hij door zijn Heilige Geest ons gaan veranderen. En zullen we worden geheiligd en gereinigd en daardoor apart worden gezet in deze wereld als getuigen van Zijn Naam. Dat is beslist niet de makkelijkste weg! Wij mensen kiezen vaak de gulden middenweg, maar de Here verlangt van ons een echte keuze: ‘wil jij bij Mij horen of niet? Heb je Mij lief of niet?’

Dat kan betekenen dat we dingen moeten opgeven. Zaken moeten rechttrekken. We zullen moeten leren om onze eigen wil en onze eigen wensen ondergeschikt te maken aan die van de Here, we zullen moeten leren om de minste te zijn, onrecht te verdragen en onze vijanden lief te hebben. We doen dat niet in eigen kracht; we hebben de wapenrusting des geestes en de voortdurende liefdevolle aandacht van onze Heiland. De mooiste weg is de moeilijkste! Maar als we hiertoe bereid zijn, geven we liefde terug aan Hem, die ons zo liefheeft. Dan worden wij ‘tot lof Zijner heerlijkheid’( Efeziers 1:12) Dan zullen wij, gelovigen uit het tijdperk van genade, bestand zijn tegen de stormen in ons leven, vooral als we ons goed bedenken wat de Bijbel daarover zegt: 1 Petrus 1:3-7 (Hoop, geloof en liefde)

[note]Verheugt u daarin, ook al wordt gij thans, indien het moet zijn, voor korte tijd door allerlei verzoekingen bedroefd, opdat de echtheid van uw geloof, kostbaarder dan vergankelijk goud, dat door vuur beproefd wordt, tot lof en heerlijkheid en eer blijke te zijn bij de openbaring van Jezus Christus.[/note]

Toekomst

En speciaal voor degenen die NA de tijd van genade tot bekering komen: als je dit leest in de tijd van de grote verdrukking, lees dan deze belofte uit Openbaring 12 vers 11

eindtijd
[note]En zij hebben hem (de satan, de antichrist, de komende wereldleider) overwonnen door het bloed van het Lam en door het woord van hun getuigenis, en zij hebben hun leven niet liefgehad, tot in de dood.[/note]

En Openbaring 20 vers 4
[note]En ik zag tronen, en zij zetten zich daarop, en het oordeel werd hun gegeven; en (ik zag) de zielen van hen, die onthoofd waren om het getuigenis van Jezus en om het woord van God, en die noch het beest noch zijn beeld hadden aangebeden en die het merkteken niet op hun voorhoofd en op hun hand ontvangen hadden; en zij werden weder levend en heersten als koningen met Christus, duizend jaren lang.[/note]

En voor allen, die God liefhebben: Romeinen 8 vers 28
[note]Wij weten nu, dat [God] alle dingen doet medewerken ten goede voor hen, die God liefhebben, die volgens zijn voornemen geroepenen zijn.[/note]





Lees ook eens dit stuk van vreugdeolie.nl