(on) zekerheid over de opname (deel 1)

1 Tessalonicenzen 4 vers16-18

“want de Here zelf zal op een teken, bij het roepen van een aartsengel en bij het geklank ener bazuin Gods, nederdalen van de hemel, en zij, die in Christus gestorven zijn, zullen het eerst opstaan; daarna zullen wij, levenden, die achterbleven, samen met hen op de wolken in een oogwenk weggevoerd worden, de Here tegemoet in de lucht, en zó zullen wij altijd met de Here wezen. Vermaant elkander dus met deze woorden.”

IS er wel een ‘opname van de gemeente’?

Er zijn mensen, Christenen, die niet geloven in de opname van de gemeente. Ze zeggen dan: ‘het woord ‘opname’ komt niet eens vóór in de Bijbel… Het is belangrijk om hier eens bij stil te staan, want de Bijbel spreekt over een ‘zalige hoop’ Titus 2:11-13 en door de gedachtengang dat er geen opname zal zijn wordt de kinderen van God die hoop ontzegd. In 1 Tessalonicenzen 4 vers 17 (Statenvertaling) staat expliciet: “Daarna wij, die levend overgebleven zijn, zullen te zamen met hen opgenomen worden in de wolken, den Heere tegemoet, in de lucht”.

Wat staat hier nu precies? Het woord ‘opgenomen’ is vertaald van het Griekse woord “harpazo”. Dit Griekse woord betekent letterlijk: ‘grijpen’, ‘met geweld wegrukken’, ‘iets grijpen en claimen dat het je eigendom is’, ‘iets in beslag nemen’, ‘iets vangen of met geweld nemen’. Het woord ‘opname’ staat dus niet in de Bijbel, maar er staat wèl nauwkeurig beschreven dat we worden ‘opgenomen’. De Statenvertaling vertaalt “harpazo” met ‘weggevoerd’ en aangezien dit volgens de grondtekst met geweld gebeurt kun je dus ook spreken over ‘de wegrukking’.

Twee groepen?

Soms redeneren mensen: ‘‘zij, die in Christus gestorven zijn’ is groep 1 en daarna komt groep 2: ‘wij, die levend overgebleven zijn’. Omdat er staat ‘daarna’ kan het nooit in één en hetzelfde ogenblik (oogwenk) gebeuren’’. Dan vergeet men echter het woord ‘samen’. Als de gestorvenen in Christus samen met de dan levende gelovigen worden opgenomen, is dat dus achter elkaar aan, maar wel binnen diezelfde oogwenk.

Op welk moment zal de opname geschieden?

Als Christenen wel geloven in de opname, verkondigen ze vaak dat Christenen eerst moeten worden gezuiverd door vervolging, de verdrukking die in het Bijbelboek Openbaring is aangekondigd. Soms zeggen ze dat we ‘ergens in de eerste helft’ van de grote verdrukking worden opgenomen, anderen geloven dat dat op de helft gebeurd en weer anderen leren dat de opname plaatsvindt aan het einde van de grote verdrukking.

De rede over de laatste dagen

In de Bijbelgedeeltes Matteus 24 en 25, Markus 13 en Lucas 21 (de ‘rede over de laatste dagen’) spreekt de Heer Jezus over de dingen die zullen gebeuren tijdens Zijn afwezigheid van de aarde. Dingen, die zullen leiden tot Zijn tweede komst. In deze rede sprak de Heer Jezus over de verschrikkelijke oordelen die over de mensheid zullen komen in de jaren voorafgaand aan Zijn tweede komst. Het boek Lucas vermeldt dat de Heer Jezus deze rede sluit met de waarschuwing: ‘Waakt te allen tijde, biddende, dat gij in staat moogt wezen te ontkomen aan alles wat geschieden zal, en gesteld te worden voor het aangezicht van de Zoon des mensen.’ (Lucas 21 vers 36)

De Statenvertaling vertaalt het met: ‘…biddende, dat gij moogt waardig geacht worden’. De Heer Jezus Zelf zegt hiermee dat sommigen ‘waardig worden geacht’ om te ontkomen aan ‘alles wat geschieden zal’ (de verschrikkelijke oordelen) Let goed op: De Heer Jezus zegt niet dat sommigen ‘beschermd’ zullen worden of ‘verborgen’ zullen worden of zelfs maar ‘erdoorheen geloodst’ zullen worden. Nee: Hij zegt dat somigen zullen ONTKOMEN! De Heer Jezus zegt hier dat sommigen, die ‘waardig geacht worden’ zullen ontkomen aan de grote verdrukking en zullen staan voor de Heer Zelf. Letterlijk: staan vóór Hem in in Zijn nabijheid!

Ervóór!

Zou de Heer ons waarschuwen om te bidden voor iets waarvan Hij wist dat we het niet zouden ontvangen? Dat die gebeden nooit zouden worden verhoord? De enige verklaring die ik er voor heb is dat de Heer Jezus Zelf aangeeft dat ‘sommigen’ zullen worden weggehaald vóór ‘alles wat geschieden zal’. Niet ALS alles geschieden zal, maar ERVOOR! We zien dit ook in Openbaring 3 vers 10 waar de Heer Jezus Zijn gemeente belooft:

…zo zal Ik ook u bewaren uit de ure der verzoeking, die over de gehele wereld komen zal’. De gemeente zal er letterlijk uit worden getild! En aangezien de gemeente wordt bewaard voor ‘de ure der verzoeking’ is het logisch dat de opname plaats vindt voor de aanvang daarvan.

Vele verdrukkingen

Toch vertellen Christenen dat Gods kinderen (de ware gelovigen) dóór de grote verdrukking zullen gaan, in elk geval gedeeltelijk. Hiervoor wordt vaak Handelingen 14 vers 22 aangehaald: ‘…en dat wij door vele verdrukkingen het Koninkrijk Gods moeten binnengaan.’ (zie ook Johannes 16:33 Romeinen 5:3 Romeinen 12:12 2 Korintiers 4:17 en 1 Petrus 1:6 ) Maar wat zijn dit voor verdrukkingen? In dit vers is het woord, wat vertaald is met ‘verdrukkingen’ is “thliphis”. Dit woord betekent: ‘druk; onderdrukking; kwelling; proef; beproeving; nood’ en het wordt vaak gebruikt in het Nieuwe Testament verwijzend naar de vervolging en problemen die in elke periode van de Gemeente voorkomen. Vanaf het begin van de Gemeente en nu nog steeds (Iran, Indonesië, Maleisië, Noord Korea) lijden Christenen.

‘vele verdrukkingen’ maar voor wie?

Terug naar Handelingen 14 vers 22 ‘…en dat wij door vele verdrukkingen het Koninkrijk Gods moeten binnengaan.’ Paulus en Barnabas zeggen hier duidelijk ‘wij’. Paulus en Barnabas hoorden bij die ‘wij’! In de jaren daarna leden zij inderdaad ontberingen, kwellingen en vervolgingen door hun tegenstanders hen aangedaan. (1 Tess 2:2 en 1 Tess 3:4)

Deze verdrukkingen zijn dus expliciet voor de kerk, de gemeente van Jezus Christus!

Hoe kan men dan Handelingen 14 vers 22 toepassen op de toekomstige grote verdrukking als God Zijn toorn over de wereld uitgiet??

volgende week maandag het vervolg van dit topic!





Reacties zijn gesloten.